Teacher of the future?

Standaard



Een robot die de klaslokalen schoonmaakt, een robot gebruiken als een soort verwerkingsopdracht, een robot die autistische kinderen helpt, een robot die proefwerken uitdeelt en ophaalt, en zelfs een robot die taal en rekenen uitlegt? Misschien is dat wel het onderwijs van de toekomst. Een robot als docent is een ontwikkeling die nog heel ver weg ligt, maar ook nu al zijn goede redenen om robotica goed in de gaten te houden.

Vandaag hebben met we de minor een bezoek gebracht aan ‘De Verdieping’ van Kennisnet. Een interessante dag waarbij we weer blootgesteld werden aan verschillende nieuwe technieken en tools die ook inzetbaar zijn in het onderwijs. Een technische ontwikkeling die me aan het denken heeft gezet vandaag zijn de NAO-robots.
Een NAO is een robot met menselijke trekjes van nog geen 60 centimeter hoog en ongeveer vier kilo. De NAO kan lopen, soepel bewegen met hoofd, benen en armen en stemmen herkennen. Bovendien spreekt hij maar liefst dertien talen (definitie uit: ‘Robotdag in Nemo’, redactie Kennisnet, 9 juni 2011)!
Samen met de andere minorstudenten hebben we een uitleg gevolgd over het programmeren van de NAO-robots en vervolgens hebben we deze geprogrammeerd. Het is ontzettend leuk en interessant om vervolgens te zien hoe de robot jouw idee uitvoert.

In een artikel op de website Kennisnet over robotica worden een aantal bewezen voordelen van het werken met robotica in de klas genoemd. Zo wakkert het werken met robots de interesse in techniek voor kinderen aan (grootste resultaat bij meisjes). Ook bevordert het de samenwerking: er is sprake van een stimulans voor leren van techniek, communicatie en samenwerken. Als laatste bevordert het werken met robots het probleemoplossend vermogen van kinderen. Het programmeren van de robots draagt bij aan cognitieve aspecten zoals oplossend vermogen en creativiteit. Leerlingen moeten nadenken over de oorzaken en gevolgen van hun handelen. Meerdere disciplines en vakken vallen hierbij samen, zoals algoritmisch denken en creativiteit of maatschappijleer (ethiek), natuurkunde, biologie en informatica.

Daarnaast blijkt uit verschillende onderzoeken dat de robots een positief effect hebben op autistische kinderen. Het is voor autistische kinderen moeilijk om contact te maken met anderen. Ook is het voor deze kinderen moeilijk om hun gevoelens te uiten en expressies te tonen met hun gezicht.
Er wordt gekozen voor robots die dezelfde grootte hebben als een echt kind. Zo vertelt ook Maja Mataric, co-director of the Robotics Research Lab at USC in een artikel van ABC.news.com: “In autism, there was already anecdotal evidence that children with autism often respond favorably to robots and show social behaviors they do not display with unfamiliar people. Some work had already been done with toy-like robots before we got involved in the research. We were specifically interested in using human-like child-sized robots which would serve as peers, not toys, in the interaction with children.” Ook blijkt uit het artikel dat kinderen met autisme liever naar objecten kijken dan naar gezichten van mensen. Ze hebben moeite met het begrijpen van gezichtsuitdrukkingen en kennen niet de natuurlijke neiging om contact te maken met de mensen om zich heen of voelen zich geïntimideerd door hun omgeving. De robot reageert en zoekt contact met het kind zelf. Het mannetje stelt eenvoudige vragen om contact te maken, maar kan ook wat moeilijkere opdrachten geven. De leerlingen leren oogcontact maken met de robot zonder dat dit intimiderend overkomt. Als het kind in de war raakt, biedt de robot hulp aan. De robot reageert ook als de kinderen hem slaan. Hij verbergt dan zijn gezicht en huilt, de autistische kinderen weten nu dat dit pijn doet. Daarnaast kan de robot de bewegingen van het kind dat met de robot communiceert volgen.

In de onderstaande youtube-filmpjes kunt u zien hoe de robot en kinderen met elkaar communiceren.



Ik vind het goed dat autistische kinderen geholpen worden door het gebruik van robots, maar ik denk dat hier wel een grens aan verbonden moet zijn. De kinderen moeten niet alleen maar met robots kunnen communiceren. Uiteindelijk moeten ze ook met mensen en kinderen om kunnen gaan. De robots zijn, vind ik, een hulpmiddel om dit uiteindelijk te bereiken.
Daarnaast vraag ik me af of robots nu echt de leraren van de toekomst worden. Ik zie tal van mogelijkheden om met robots aan de slag te gaan. Toch denk ik dat het nog even duurt voordat er echt een robot voor de klas staat, al zal de robot wel steeds meer taken van jou als leerkracht kunnen overnemen. Zo kan de robot opdrachten uitleggen aan kinderen of kinderen individueel helpen. Daarnaast kun je kinderen de robot leren programmeren. De kinderen kunnen dan hun verwerkingsopdracht door de robot laten vertellen of misschien zelfs laten zien. Het programmeren van de robot gebeurt met behulp van het programma Choregraphe. Een gebruiksvriendelijk programma dat veel standaardfuncties voor de robot kent. Het programma is ook geschikt voor kinderen, dit komt vooral doordat het programma zo gebruiksvriendelijk is. De kinderen moeten de acties voor de robot in het scherm slepen en aan elkaar koppelen om een bepaalde beweging te forceren.

Advertenties

Eén reactie »

  1. Wauw, mooi stuk Rachelle! Tijdens de demonstratie met de robots zaten wij bij de Touch Table. In deze blog heb ik enorm veel dingen gelezen, wat ik nog niet wist over de robots. Leuk om te lezen!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s